De roos van Leary is een model dat laat zien hoe mensen elkaars gedrag beïnvloeden. Het idee is eenvoudig: jouw gedrag roept bij de ander voorspelbaar gedrag op. Wie de leiding pakt, nodigt de ander uit om te volgen. Wie aanvalt, krijgt meestal een aanval terug. Het model helpt je te zien waarom een gesprek vastloopt, en wat je zelf kunt veranderen om het een andere kant op te sturen.
Waar komt de roos van Leary vandaan?
De Amerikaanse psycholoog Timothy Leary beschreef het model in 1957 in zijn boek over interpersoonlijk gedrag. Hij keek niet naar wie iemand is, maar naar wat mensen doen in contact met elkaar. In Nederland werd het model breed bekend in trainingen en in het onderwijs, onder meer door het werk van Bert van Dijk. De naam "roos" komt van de cirkelvormige tekening, die doet denken aan een kompasroos.
De twee assen: boven-onder en samen-tegen
De roos heeft twee assen.
Boven of onder gaat over invloed. Boven-gedrag is leiden, bepalen, het woord nemen, beslissen. Onder-gedrag is volgen, afwachten, luisteren, je aanpassen.
Samen of tegen gaat over nabijheid. Samen-gedrag is meewerken, steunen, vriendelijk zijn. Tegen-gedrag is afstand nemen, kritiek geven, je verzetten.
Belangrijk: geen van deze posities is goed of fout. Een leidinggevende die in een crisis boven gaat zitten, doet precies wat nodig is. Een collega die kritisch tegen een plan ingaat, kan het team voor een flinke fout behoeden. Het wordt pas een probleem als iemand vastzit in één positie, of als het gedrag niet past bij de situatie.
De vier kwadranten
Als je de assen combineert, krijg je vier soorten gedrag:
Boven-samen: leidend en helpend. Je neemt initiatief, geeft advies, organiseert. "Zal ik het even regelen?"
Onder-samen: meewerkend en volgend. Je denkt mee, stemt in, vraagt om hulp. "Goed idee, hoe wil je dat ik het aanpak?"
Onder-tegen: teruggetrokken en opstandig. Je zwijgt, haakt af, klaagt achteraf. "Het maakt toch niet uit wat ik vind."
Boven-tegen: aanvallend en concurrerend. Je bekritiseert, wijst af, wilt gelijk krijgen. "Dat gaat nooit werken, dat heb ik vorig jaar al gezegd."
In de uitgebreide versie van het model wordt de roos verdeeld in acht sectoren, met tussenvormen zoals leidend, helpend, meewerkend en afhankelijk. Voor dagelijks gebruik zijn de vier kwadranten meestal genoeg.
Gedrag roept gedrag op
De kern van het model zit in twee regels:
Boven roept onder op, en onder roept boven op. Als jij het gesprek naar je toe trekt, valt de ander vanzelf stil. Als jij afwacht, gaat iemand anders de leiding nemen.
Samen roept samen op, en tegen roept tegen op. Vriendelijkheid wordt meestal met vriendelijkheid beantwoord. Kritiek lokt verdediging of tegenkritiek uit.
Zo ontstaan patronen die zichzelf in stand houden. Een leidinggevende die alles zelf beslist (boven) krijgt een team dat afwacht (onder), en concludeert dan dat het team weinig initiatief toont. Een collega die steeds kritiek levert (boven-tegen) krijgt een collega die zich terugtrekt (onder-tegen), en vindt dat die ander niet meedenkt. Beide zien het gedrag van de ander, niet hun eigen aandeel erin.
Een voorbeeld van het werk
Een teamleider bespreekt een nieuwe werkwijze. Eén medewerker reageert fel: "Dit is weer zo'n plan van bovenaf, niemand heeft ons iets gevraagd." Dat is boven-tegen.
De reflex van de teamleider is terugduwen: "Het besluit is genomen, we gaan het gewoon doen." Ook boven-tegen. Het gesprek wordt een machtsstrijd, en de rest van het team zwijgt.
Een andere optie is samen-gedrag, zonder onder te gaan zitten: "Je hebt een punt, jullie zijn niet betrokken. Wat zou er volgens jou misgaan als we het zo doen?" De teamleider blijft over het besluit gaan, maar nodigt uit tot meedenken. De kans is groot dat de medewerker meegaat naar de samen-kant en met inhoudelijke bezwaren komt in plaats van met verzet.
Hoe gebruik je de roos van Leary?
Kijk eerst naar jezelf. Waar zit je meestal? En waar zit je bij die ene collega met wie het steeds schuurt? Vaak blijkt dat je bij verschillende mensen heel ander gedrag laat zien.
Kijk naar wat jouw gedrag oproept. Krijg je steeds dezelfde reactie? Vraag je dan af welk gedrag van jou die reactie uitnodigt.
Kies bewust een andere positie. Je kunt het gedrag van de ander niet veranderen, wel je eigen gedrag. Wie een aanval niet met een aanval beantwoordt, maar ook niet wegduikt, doorbreekt het patroon.
Gebruik het als gemeenschappelijke taal. Teams die het model kennen, kunnen tegen elkaar zeggen: "Ik merk dat ik nu heel erg boven ga zitten." Dat maakt patronen bespreekbaar zonder dat het persoonlijk wordt.
Wat de roos van Leary niet is
Het is geen persoonlijkheidstest. Je bent niet "een boven-tegen-type". Iedereen beweegt door de roos, afhankelijk van de situatie en van wie er tegenover zit. Het model beschrijft gedrag op een bepaald moment, en juist daarom kun je er iets mee: gedrag kun je veranderen. Wil je meer weten over gedrag in teams zonder mensen in hokjes te stoppen, lees dan ook gedrag begrijpen zonder mensen in een hokje te plaatsen.
Oefenen met de roos van Leary
Het model begrijpen gaat snel. Het lastige zit in het moment zelf: als iemand je aanvalt, zit je binnen een seconde in je reflex. Dat doorbreek je door te oefenen, het liefst met situaties die je kent. In de training conflicthantering en de training assertiviteit oefen je met herkenbare situaties uit je eigen werk. Zo merk je wat er verandert als jij van positie wisselt.